Pionieren met interactieve reclame
'Jongeren willen niet meer alleen kijken, ze willen interactie,' zegt de oprichter van interactief reclamebureau The Young Generation. Hoewel interactieve reclamecampagnes succesvol zijn onder jongeren, is het nog pionierswerk in Nederland.
Wat is nou precies interactieve reclame? Voor ik er erg in heb, maakt oprichter Simon van Cleeff met de webcam op zijn laptop een foto van me; en floep, het volgende moment zie ik mezelf met een combathelm op in een vliegtuig, als hoofdpersoon van een game. Van Cleeff: ‘Met deze applicatie maken we reclame voor dit spel. De doelgroep kan zichzelf in een combatvliegtuig plaatsen en zo prijzen winnen. Doordat je de foto via social media kan delen, vergroten we het bereik enorm.’
Nog een voorbeeld van een campagne van The Young Generation: op de pakken hagelslag van Venz stond een code die de webcam afleest. Vervolgens verschijnt de website van Venz met een racespel dat je kan spelen met het pak hagelslag als stuur van je racewagen. Dit heet: augmented reality. Oftewel; toegevoegde realiteit. Het pak hagelslag krijgt een extra functie, want je kan er – naast hagelslag strooien - óók een spel mee spelen.
Met interactieve reclame gaat een merk via spellen, acties en wedstrijden de interactie aan met de doelgroep. Van Cleeff is ervan overtuigd dat je hiermee meer bereikt bij jongeren dan met traditionele vormen van reclame zoals advertenties en radio- en televisiereclames. ‘De reclames van vroeger schreeuwen alleen de boodschap ‘Koop dit product’. Daar zit de jonge consument niet meer op te wachten. Jongeren willen interactie, iets doen en het delen met vrienden. Een concept moet echt boeien, en plezier of nut opleveren, anders krijg je niet de aandacht van jongeren.’
‘Jongeren’ moet overigens breed worden opgevat; The Young Generation maakt reclame voor doelgroepen tussen de 6 en 34 jaar, dus van kinderen tot jongvolwassenen.
Crisis
Samen met zijn middelbare schoolvriend David Robustelli startte Van Cleeff in 2009 The Young Generation. Ze werkten allebei al een aantal jaar in de creatieve industrie. Van Cleeff bij het gerenommeerde communicatie- en marketingbureau Winkelman Van Hessen, Robustelli had intussen flinke ervaring opgedaan in online reclame bij diverse bedrijven. Van Cleeff wilde stiekem altijd al ondernemer worden. ‘Mijn plan was om nooit een cv te moeten inleveren.’ Daar was het al te laat voor, maar het begon toch te kriebelen.
Van Cleeff: ‘We dachten; we hebben allebei een voorliefde voor jongerenmarketing, we hebben de kennis en weten wat er speelt, waarom niet samen een bedrijf beginnen? Vooral anderen wezen ons erop dat het crisis was, wij zaten daar niet zo mee. We gingen ervan uit dat een goed idee ook in crisistijd succesvol kan worden.’
En dat was ook zo. Het bureau werkt voor opdrachtgevers als Disney, Spin Master, Heinz en Sony Pictures. In twee jaar is het team uitgebreid met vijf medewerkers. ‘Iedereen heeft zijn eigen specialisme, we zijn een compact team en kunnen daardoor efficiënt werken. We hoeven niets uit te besteden, we doen alles zelf, van het bedenken van het concept tot het ontwikkelen en onder de aandacht brengen van de campagne.’ De ambitie is dan ook niet om heel groot te worden, ‘zo’n tien tot twaalf man is een mooie basis’, vindt Van Cleeff.
Meer open staan
Waar ligt de ambitie dan wel? Robustelli: ‘Over vijf jaar willen we nog steeds één van de voorlopers zijn als het gaat om jongeren benaderen en de interactie met hen aangaan. We willen het nieuwste van het nieuwste aanbieden op het gebied van interactieve marketing.’ Van Cleeff voegt toe: ‘We hebben ook altijd nog de droom om in Amerika een bureau te starten. Daar zijn ze op dit gebied veel verder, het zou leuk zijn om daar dichtbij te zitten. Maar dat ligt nog ver weg. Ik zou op dit moment graag zien dat organisaties meer open staan voor interactieve reclame. Soms spreek ik bedrijven waarvan ik weet dat ze ervan kunnen profiteren, maar wimpelen ze het af omdat ze geen tijd hebben, of er niet voor open staan. Er heerst nog een beetje onwetendheid, daar mag wel verandering in komen.’




